Margalliti
HOME HET SCHIP DAGBOEK - BvZ LOGBOEK - route FOTO'S LINKS


BvZ 22:
Juni 2007

Vertrek Gomera richting Azoren, Santa Maria, Terceira


terug naar BvZ-overzicht
meer foto's bij BvZ 22
naar vorig BvZ      naar volgend BvZ



Vertrek uit Gomera

De teerling is geworpen, we gaan de Atlantische oceaan alsnog bedwingen. De laatste dagen van de week besteden we aan het aanvullen van de voorraden, halen flessen water, verse vleeswaren en nog wat groene lekkernijen voor de eerste dagen.

Lau heeft de laatste dagen diverse routes uitgewerkt en in de gps gezet. Afhankelijk van het weer op het moment van vertrek kunnen we dan heel makkelijk schakelen tussen de verschillende mogelijkheden. Ik loop nog eens van alles aan dek na en we laden gasolie.
Voor onderweg heeft Lau alvast wat vooruit gebakken. De fameuse "albondiga's do Laura" (gehaktballetjes) en een soort heerlijk gekruidde kipnuggets.

Ik maak tenslotte nog een rondje om diverse lokale vrienden gedag te zeggen. Manolo van de Ocean Rowing Club Bar breng ik een "originele" Margallitipet.
Het is zeer de vraag of hij nog in hetzelfde cafe zit als we ooit terugkomen. De Duitse eigenaar van het pand wil hem eruit en Manolo probeert nu een café enkele panden verderop te huren. Ik bied aan om met hem over de inrichting te praten, maar het is nog te vroeg. Het is een toffe gast, en we omhelzen elkaar bij het afscheid nemen (De volgende dag komt hij naar de haven om ons uit te zwaaien).

Kortom het is echt een afscheid. Die vrijdagavond drinken we een afscheidsglaasje met de "Curry club" en de Canary sails mensen bij de Havana Bar en de dames van de bediening pinken natuurlijk een traantje weg als we afrekenen en vertellen dat we voor lange tijd weg gaan.

Laatste ankerplekje Zaterdagmorgen gaan de landvasten los. We gaan voorafgaand aan ons definitieve vertrek nog een weekendje ankeren met Nigel en Margaret van de Dunkelly. In de buurt van Santiago de la Gomera gaat de haak in de grond en genieten we van barbeque en liquide versnaperingen. Nigel haalt ons op met de dinghy en het hele weekend heeft weer een hoog padvindergehalte. We hebben het prima naar de zin.

Duiken

Een van de programmaonderdelen is het maken van een duik, ik kan dan mijn nieuwe duikset uitproberen. Dat komt zo: Ter voorbereiding waren we langs een Duitse duikschool annex vulstation geweest om de flessen te laten vullen. Mijn setje heb ik als student in 1972 gekocht bij Vd Stighel in Den Haag (bestaat geloof ik al honderd jaar niet meer); tot mijn "verbazing" wil Andreas de fles niet meer vullen, en tussen neus en lippen door raadt hij mij ook af de automaat nog te gebruiken.
Ik sta nu voor de keus om mijn net in La Palma gekochte duikpak weg te doen, of een nieuwe duikuitrusting te kopen. Ik houd mijzelf voor dat ik nog echt te jong ben om niets spannends meer te doen, en van Andreas kan ik een gebruikte set kopen voor een schappelijke prijs.
Voordeel van deze set is dat hij een trimvest heeft en een octopus (tweede mondstuk voor Laura).

Als een van de eerste trainers van het beroemde Delftse duikdispuut Amphoros, ben ik dus weer helemaal klaar voor het duiken met Nigel en zijn familieleden. We maken een leuke duik tussen de rotsen en zien de prachtigste vissen. Helaas heb ik niet zo'n handige watervaste kaart met de namen van de diverse species. Maar het gevoel was weer helemaal terug na misschien wel twintig jaar niet meer serieus gedoken te hebben. De volgende keer ga ik Lau trainen.

Ankerop

Maandagochtend 28 mei 2007 is het zover, we gaan ankerop. Ik realiseer me dat we precies een half jaar geleden op Gran Canaria aankwamen, als we nog een dag langer waren gebleven (en de vijfde colonne ons had ingehaald), zouden we tax moeten gaan betalen. Om afscheid te nemen van Nigel en Margareth varen we nog even langs de Dunkelly, en klimmen aan boord voor een laatste nescafeetje. We hebben zo veel gepraat de laatste maanden, wat moet je zeggen als je vertrekt. Als altijd is weggaan, achterlaten en niet weten of je terugkomt lastig. Maar we "moeten" verder.

Ik "moet" niet alleen Gomera achterlaten, maar ook de ervaring van het stoppen van de "grote oversteek" moet ik achter mij laten. Dat gaat nu gebeuren, het weer is goed noordoost 15 tot 20 knopen (4 à 5 beaufort) en onze koers is ca 330º. Het ziet er naar uit dat we met een "knik in de schoot" (tussen 60 en 80 graden aan de wind) gaan varen. En dat kan de Margalliti erg goed.

Eerst moeten we echter nog even de acceleratiezone door, we besluiten om onder Gomera door te varen richting het westen en dan onderlangs La Palma via de westkust naar het noordwesten. Een soort bananenkromme.

We beginnen met twee rifjes in het grootzeil en een kotterfokje, dat begint tenminste goed. Later om wat meer stuwkracht te hebben een puntje kluiver erbij.
De stuurautomaat lijkt het goed te doen. Maar in de loop van de dag hoor ik steeds meer gebonk in de stuurkolom, we besluiten om in La Palma een controlestop te maken. Aan de westzijde van La Palma ligt een prima haventje, Tazacorte en daar meren we af aan het einde van de dag.

De volgende morgen, eerste werk, de stuurkolom uit elkaar en wat tandwielen opnieuw afgesteld. Dit lijkt te helpen. En voor twaalven zit alles weer in elkaar.
We rekenen het astronomische bedrag van 6,44 euro havengeld af en mogen dan weer verder. Onze pitstop heeft 18 uur geduurd. Geen Formule 1 tijden, maar wij zijn erg tevreden.

"A-sores" here we come

Op weg naar de acceleratiezone boven La Palma Tazacorte ligt aan de lijzijde van het eiland, dus als we vertrekken is er geen wind, maar als we de haven hebben verlaten zien we in de verte de zogenaamde "white horses" (schuimkoppen op het water), die de acceleratiezone prima markeren. We leggen ruim op tijd de riffen en alles kan gaan gebeuren. We tikken de 8 knopen bootsnelheid aan.
Na een paar uur varen verlaten we de acceleratiezone en zakt de wind van 40 knopen naar de beloofde 15 à 20 knopen en gaan de overige zeilen weer omhoog en de riffen uit het grootzeil, we varen nu onder vol tuig inclusief de bezaan en dat is al weer enige tijd geleden.
Met de automaat die het stuurwerk voor z'n rekening neemt speren we richting de Azoren.

Wachtsysteem

We beginnen direct aan het wachtsysteem 4 uur op 4 uur af . Laura begint van met de wacht van 1400 tot 1800, ik vervolg van 1800 tot 2200 en zo voort.
Het is een twee uur verschoven standaard systeem, wat we hebben gedaan omdat het beter past bij ons bioritme. Hoewel, zo heeft één wel altijd de hondenwacht (niet raden). Aan het einde van je wacht maak je nescafe en een boterham voor de opkomende wacht en na een kwartiertje wordt de nieuwe wacht geacht "op de brug te komen"; bijzonderheden worden uitgewisseld en de te sturen koers wordt gemeld aan en moet vervolgens herhaald worden door de wachtovernemer. Simpele routines die de veiligheid bevorderen.
Daarna "warm bunking" met een vers kussen.


Zo zie je hem wel...


...en zo zie je hem niet.


Routine

Eigenlijk gaat het meteen erg aangenaam en denken we erover meteen door te varen naar Sao Miguel of Horta. Het 4 uur wachtlopen bevalt ons, het (in)slapen gaat buitengewoon goed en de Margalliti ligt stevig in de golven, zodat het binnen erg rustig is.
Het lukt ons zelfs om de zeilen zo uit te trimmen, dat ook Neco (de stuurautomaat) bijna 24 uur uit kan: extra rustig binnen en geen stroomverbruik.
Volgens de voorspellingen valt op de derde dag de wind weg. En dat gebeurt ook. Mr Perkins doet z'n best. We mogen dan naar hartelust morsen met electriciteit. Lichten aan, computer aan, muziekje erbij, zenden/mailen. We vermaken ons met ons nieuwe "sterrenidentificatieprogramma" en "spotten" zowaar vier planeten: Venus (heel erg helder in het NW), Saturnus, Mercurius (uitzonderlijk), en Jupiter (bij de maan). Maar de Margalliti is een zeilboot en gelukkig kunnen de volgende nacht de zeilen weer omhoog. We besluiten naar Santa Maria, het dichtbijzijnste eiland, te koersen. We vrezen dat als we dit nu overslaan, we er wellicht niet meer toe komen om het te bezoeken. Daarbij is Neco de weg kwijt en dat is niet leuk. Ik zie wel of we daar kunnen uitzoeken wat er is en zo niet dan varen we de volgende dag gewoon door naar Sao Miguel, waar wel van alles te krijgen is.

Ilha de Santa Maria, 36º Noord, 25º West

Santa Maria ligt al de hele dag verscholen in de nevel terwijl we normaal gesproken een landfall al een halve dag voor aankomst zouden moeten kunnen zien. Pas acht mijl voor het bereiken van onze "virtuele verkenningston" (een door ons gekozen waypoint om de haveningang van Vila do Porto te kunnen verkennen) doemt een donkere vlek op uit de nevel.
Zonder gps zou je toch een hele tijd denken dat je het eiland gemist had, en je ieder moment van de aarde af zou kunnen vallen (Colombo speak).

In het schemerdonker glijdt de Margalliti de haven binnen. In wat de jachthaven hoort te zijn ligt een baggerschuit te werken en de ankerplek is niet beschikbaar omdat er een groot vrachtschip voor de kant ligt en bovendien de wekelijks ferry op zondag binnenkomt, en dan manoeuvreerruimte nodig heeft. Er is echter volgens de pilot nog een extra groepje ponton's achter in de haven. Op de aangegeven plek ligt slechts één klein ponton, met aan iedere kant plek voor een schip. Eén plek is reeds bezet en wij varen dus naar de andere kant.

Oude bekenden

Tot mijn verbazing ligt daar een Nederlands schip dat we naderbij gekomen herkennen. Vorig jaar tijdens de door het blad "Zeilen" georganiseerde "vertrekkersdag" in Enkhuizen hebben we tijdens het eten met een leuk stel kennis gemaakt en geborreld: Jan en Joanneke van de Witte Raaf. Zij gingen echter al snel weg naar de Med. Wij moesten de Heivelden nog opleveren en zouden pas in augustus vertrekken. De kans dat we elkaar weer zouden zien berekenden we op 0,0.
Enfin ons touwtje wordt dus aangepakt door Jan. Na ons te hebben opgefrist stappen we aan boord van de Witte Raaf voor een uiterst warm onthaal. Tot in de vroege uren worden belevenissen uitgewisseld. Halverwege mijn "hondenwacht" strijken we het vaantje en klimmen weer aan boord van de Margalliti om in de rust van de haven 5 kwartier in het uur te slapen.

Vuurtorenlichtbelasting en bergklunen

Zondag's ga ik eerst bij mijn vrienden van de douane en de havenpolitie langs. Dat verloopt prima en een uiterst vriendelijke politiebeambte raadt mij aan pas maandag naar het kantoor in de stad te gaan om de "vuurtorenlichtbelasting" te betalen. Nu ik alle ambtelijke molens weer in gang heb gezet met de kleinste details van de Margalliti en zijn bemanning kunnen wij in ieder geval rustig op expeditie.

We klunen de berg op en het dorp in. Het eerste dat opvalt zijn de vele leegstaande oude gebouwen. Veel eilanders zijn vroeger naar het vaste land vertrokken en nooit meer terug gekomen en weten niet dat ze mooie gebouwen hebben geërfd. De overheid kan niets met deze gebouwen doen omdat de eigendomstitel er dus niet is.

Touren

Waar doet me dit aan denken... Aan het einde van het dorp komen we langs een autoverhuur bedrijf. We zijn inmiddels afgepeigerd van het sjouwen en besluiten dat er nog genoeg uren in de dag zitten om het eiland met een voiture te onderzoeken. Bovendien een dag huren loopt als je het beleefd vraagt, ook van 's middags drie uur tot de volgende dag drie uur. Eigenlijk heb je daar meer aan want twee dagen een aantal uren is veel aangenamer dan één dag twaalf uren sturen. Bovendien hebben we nu transport terug naar de haven.

Dit eiland is verschrikkelijk mooi, zacht glooiende hellingen met koeien, dichte bossen en spectaculaire doorkijkjes naar de zee. Mijn adem stokt er van. En overal mooie en of simpele huizen en bijna nergens rotzooi. Dat valt erg op, nergens rotzooi zoals op veel van de andere eilanden die we hebben gezien. Er staan ook veel EC gesponsorde borden om geen rommel weg te gooien.
Terug in het dorp eten we wat en de restauranteigenaar wil ons wel grond verkopen. Nu nog even niet.

Veel wind

De volgende dag gaan we weer op pad met ons huurautootje. We gaan eerst vers brood halen en bezoeken de bibliotheek om wind grib files op te halen. De wind voorspellingen zien er erg slecht uit. De komende dagen trekt er een lagedrukgebied over de Azoren met een aantal dagen 45 tot 50 knopen wind. Wat nu? In Santa Maria mogen we niet aan de ponton blijven liggen, dat in principe bedoeld is voor kleine roeibootjes en niet voor 2 grote jachten; de haven van Sao Miguel, 55 mijl verderop, is gereserveerd voor een honderdtal schepen die vanuit Engeland een of andere rally varen. Dat soort evenementen is een ramp voor de normale cruising mensen. Onze enige mogelijkheid is om de 145 mijl naar Terceira te varen; moet net kunnen voordat de storm losbarst.

We rijden terug, betalen de vuurtorenlichtbelasting (Scrabble-gecertificeerd). Waar moet je op een eiland anders belasting op heffen? Erg charmant. Een kwartier formulieren invullen voor 2 (zegge twee) hele euro's, da's nog eens lachen. We laten de huurauto met sleutel in het contact op de kade achter (volgens de instructie van het verhuurbedrijf). Binnen een half uur varen we uit.

We besluiten i.v.m. de nog niet goed functionerende stuurautomaat een drie-uur-op-drie-uur-af schema aan te houden. Wel hadden we op de overtocht vanuit Gomera ontdekt dat het sturen vanuit het stuurhutje met het hydraulisch bekrachtigde stuurwiel eigenlijk erg goed ging (we hebben de boot pas tien jaar!). Wat vooral meevalt is de hoeveelheid "gevoel" die nodig is om te kunnen zeilen. Kortom binnen is het een hoop minder vermoeiend.

Vliegende Pulpa Er is erg weinig scheepvaart, behalve dan een aanzienlijk aantal Portugese oorlogsschepen. En dan bedoelen we niet de marine!
Bij daglicht blijkt dat we een verstekeling hebben opgepikt. Hij of zij leeft inmiddels niet meer en we hebben nog geen trek in zeebanket, de squid gaat dus overboord met achterlating van zwarte inktstrepen.

Terceira

Tijdens het afwerken van de formaliteiten met de verstekeling komt Terceira in zicht, veel eerder dan Santa Maria, maar nu duurt het eindeloos voordat we er zijn.
Als we de haven binnen willen varen zien we een Nederlands schip, Lau valt het op dat er een "Maas"vlag is gehesen. Ineens verlegt het schip zijn koers naar ons, we vragen ons af welk Maaslid geïnteresseerd is in ons. Dan herken ik het schip; het is de Helena Cristina van Hella en Aad Twigt.

Aad en Hella bevaren als sinds hun jonge jaren de wereldzeeën, afwisselend met de Helena Cristina of als deliveryschipper in opdracht van Damen Shipyard's.
We leerden Aad kennen op de driemastbark Europa waarop we na het succesvol afronden van de opleiding stuurman kleine zeilvaart een praktijkweek hebben doorgebracht. Uber-cool was dat. Sinds die tocht hebben we een goede tijd als we elkaar tegen komen. De laatste keer dat we elkaar zagen was in Ris?r/Noorwegen tijdens het wooden-boat festival een jaar of wat geleden en afgelopen jaar op de Hiswa nog bij de presentatie van Aad's nieuwe boek. We varen een "pas de deux" in de havenmond voor de ergste bijpraat en spreken af in de stad een dezer dagen.

Angra do Heroismo (Baai van het heldendom)

Wat zijn er toch ongelooflijk veel mooie plaatsen ook buiten Nederland. Nu heb ik als romanticus wel een beetje de neiging om snel ergens voor warm te lopen, maar dit is echt mooi, niet voor niets heeft de Unesco Angra als werelderfgoed aangewezen. We zijn hier zomaar niet weg. Er is nog veel te zien.
's Middags gaan we de kant op voor een eerste verkenning, en om een goed restaurantje te vinden voor de zesde van de zesde.

Trouwdag

Vandaag de zesde, vieren we ons derde lustrum. In een traiteria hebben ze de heerlijkste hartige hapjes en sweat's. De freule zal blij zijn dat we wat te knabbelen hebben als die storm losbarst. Lekker binnen, kachel (!) en een filmpje aan en niks aan de hand. Binnenkort meer vanuit dit theatro fantastico.

Vanaf ons Pied-à-Mer
Salut


terug naar boven



meer foto's bij BvZ 22
naar vorig BvZ      naar volgend BvZ